Het weefsel een web. Zoals elk boek tijd en ruimte laat spannen. De schrijver wevend voort dralend, dwalend, de teugels net als ieder ander alleen voor zichzelf aanhalend. Weefsel als huid welzeker, maar zeker nog meer: weefsel als gedachten, gevoelens, allemaal het bit in de bek van een baantjes draaiende of hardnekkig kort gehouden overtuiging. Elke biopsie van een schrijver verlicht een web dat de afstand tussen verlangen en feit overbrugt. Waarmee de weg naar eigenwaarde dan vervoegd kan worden met het werkwoord kleefklunen.